Culturele Zondag | De kunst van culinair eten
‘Je moet toch eten.’ Met die woorden harkte mijn oma vroeger
al haar (klein)kinderen bij elkaar voor het zondagmiddagdiner. Geen excuus.
Eten is niet alleen voedzaam en noodzakelijk, ook is het een
sociale aangelegenheid en verbindt het mensen. Zo ook vandaag bij de eerste Culturele Zondag na de zomer in
‘Het Paleis Groningen’, vandaag onder de naam Culinaire Zondag.
Koekkampioen
Als eerste stap ik binnen bij Uitgeverij Passage. Daar tref
ik Hans Donderwinkel aan, te midden van een stapel ‘Echte Groninger Koeken’. Hij
is schrijver van het boek ‘Gronings eten’ en vertelt vanmiddag over culinaire tradities in Groningen.

‘Met de hand gemaakt’, vertelt Donderwinkel alsof hij er
zelf elke ochtend vroeg voor uit zijn bed stapt. Hij glundert en vertelt dat de
bakkerszoon een jaar nodig had om het bakken van deze speciale koek te leren.
‘Toch is het treurig dat de koek zo weinig in het land
verkocht wordt.’ Ik knik en zou ter plekke op de bres willen springen voor een
breder verkoopgebied.
Gronings genoeg
Hans Donderwinkel gaat verder.
‘Heb je weleens van ‘stoetboom’ gehoord?’
Ik beken dat ik uit Leeuwarden kom.
‘Hoe lang woon je al in Groningen?’
‘Tien jaar.’ Ik merk dat ik hem vragend aankijk in de hoop
dat het genoeg is om hem te laten vertellen.
‘O, dat is al een mooie tijd.’
Ik adem opgelucht uit, Donderwinkel begint.
Als ik opsta om de rest van de Culinaire Zondag te beleven,
voel ik enige spijt. Ik had nog uren kunnen luisteren naar deze vriendelijke
man. Wel koop ik een koek.
Pastaketting
Op het binnenplein staat Dennis Nolle van ‘Dennis Cooking
Place’ met een heuse 1PK-pastafiets.
‘Wil jij ook fietsen voor je eigen pasta?’ Een
nietsvermoedend pubermeisje schrikt op uit haar gedachtes en kijkt Dennis
vragend aan.
‘Hoe werkt het precies?’
‘Ja, het is een fiets hè.’ Hij laat het meisje een deegdrolletje
zien dat hij in een pastamolen doet, die is aangedreven door de fiets (vraag me niet naar technische details).
Ze stapt op en begint te trappen. De pastamolen poept
sliertjes uit, een heuse ketting. Het meisje zucht, het is zwaar trappen voor
pasta.
Met z’n allen staan we grijnzend te kijken hoe ze een bakje
vol pasta fietst. Dekseltje erop, paar minuutjes koken, beetje zout en eet
smakelijk. Het meisje kijkt met een bezweet hoofd naar de grond als ze het
bakje aanneemt. Ik zou haar willen knuffelen. Goed gedaan meid!
Ik loop verder, het gebouw in. Mijn ‘Echte Groninger Koek’
onder de arm geklemd. Ik voel me net een wandelende reclamezuil. Probeer dan
maar eens wat in je opschrijfboekje te noteren, waar laat je in hemelsnaam zo’n
koek?
Wie weet, heeft mijn geworstel tot een betere koekomzet
geleid.
Reacties
Een reactie posten